woensdag 19 april 2017
klauw
Op de drempel van de maan het trillen van de twee die twijfelt, ooit nog een geweest en zeker, vast, een embryo dat lacht. Mijn glimlach doet pijn. Het effect op de drempel van de maan het trillen van de twee die twijfelt, de lippen die wijken, ooit nog een geweest, zeker en vast, een embryo, geen lach, nauwelijks iets. De maan. De maan ze was er maan in maan uit, met rood in haar mars tot ze alleen nog maan was, voller en voller, tot de drempel
tot het barsten van de lente of was het herfst, want beiden barsten van bloei, van vrucht, barstende botten, knoppen, bolsters, buiken, kuiten, koppen vol migraine
lente herfst zomer winter barsten sterven sterven erven
zomerzinderen
zie ik niet zitten deze nacht nu de fluiten nog zwijgen, nu de bomen hijgen onder de wind en grillen van april, de bloesems sneuvelen valse sneeuw en weeral koppen vol migraine
een verlangen uit het verleden krabbelt met een klauw terug naar weggeweest van staande en stand by
verlangen dat verlangen blijft
het is als bessen plukken, de mooiste, de sappigste op de gevaarlijkste plek, de struik staat er zolang je weet en je reikt en je reikt en af en toe zegt een stem vandaag ben je uitverkoren en je weet niet of het uitverkoren of verloren betekent maar dat vind je onderweg dan wel weer uit want op de drempel van de maand het trillen van de twee die twijfelen, maar de een die standvastig zegt: je roept? ja, ik kom!
luisterbessen
verlangen dat blijft
Abonneren op:
Posts (Atom)
